Igor Bouwens spoelt de stress weg, maar verslikt zich even in een duin: “Tevreden over mijn start”

Gepubliceerd op: 05-01-2024 18:59

Na een lange en stressvolle aanloop is de Dakar 2024 eindelijk van start gegaan. Igor Bouwens verslikte zich één keer in een pittige helling en moest daardoor vrede nemen met de 21ste tijd bij de vrachtwagens. “Jammer, maar geen ramp, verder de Iveco voelde wel goed aan.”

De vermaarde rotsformaties in de woestijn rond Al Ula dienden vrijdag als het schitterende decor voor de proloog van de Dakar 2024. Een chronorit van 27 kilometer – deels over harde ondergrond maar ook met een pittig klimmetje – was het ideale opwarmertje voor het echte werk, dat weldra komen gaat.

Voor Igor Bouwens, Syndiely Wade, Ulrich Boerboom en het hele Gregoor Racing Team was het ook de ideale cocktail om de stress van de voorbije dagen door te spoelen. De technische keurders van de FIA bleven tot het laatste moment moeilijk doen en de Iveco met startnummer 616 dreigde teruggezet te worden naar T5.2, de klasse van de assistentietrucks. Igor en co zijn echte racers en wilden absoluut in T5.1 blijven, de hoofdklasse met alle toppers. Het vergde nachtelijk sleutelwerk, maar de crew is nooit vies van een huzarenstukje en uiteindelijk kon de FIA niet anders dan groen licht geven.

Bandendruk te hoog

Het wegvallen van die stress en het rijplezier in de Iveco T-Way haalden na afloop dan ook de bovenhand op de teleurstelling over de 21ste plaats, die uit de bus kwam.

Igor: “Ik ben blij dat we eindelijk konden starten, want we hebben toch drie dagen stress gehad. Alles ging goed, we hadden een redelijk tempo te pakken. Maar dan hebben we een klein foutje gemaakt. De bandendruk stond nog te hoog toen we een duin op moesten rijden. Geen heel hoge duin, maar we raakten niet boven, moesten terug naar onder om daar de banden af te laten. Dan ben je gauw 4 of 5 minuten kwijt. Maar ik til er niet zo zwaar aan. De truck rijdt super, de vering was goed afgesteld, voor een eerste dag ben ik heel tevreden.”

Het Nederlandse damestrio dat achter Igor en co startte, kwam achteraf dankjewel zeggen. Doordat Igor niet boven geraakte, konden zij tijdig de banden aflaten. “Zaterdag doen we het andersom”, beloofden ze.

 Meteen zware rit

Zaterdag vindt de eerste echte rit plaats, een etappe van Al Ula naar Al Henakiyah. Eerst 84 km verbindingsrit, dan 414 km tegen de chrono en achteraf nog 46 km naar het bivak. Samen goed voor 544 km. De startorde is de rituitslag van de dag voordien, en dus zullen Igor, Syndiely en Ulrich Boerboom iets verder naar achter starten dan ze gehoopt hadden. “Dat zal geen probleem vormen. Het wordt een heel zware rit. Als ik morgen weer 21ste ben, zou het veel erger zijn”, aldus Igor.

De ritzege ging naar Janus van Kasteren, de eindwinnaar van vorig jaar was 5’36” sneller dan Igor.

Vorige bericht

Stefan Carmans geniet van zijn eerste meters tijdens debuut in Dakar Rally

Na een boeiende proloog kan Stefan Carmans inmiddels zeggen dat zijn droom is uitgekomen. De debutant van CSA Racing debuteerde vrijdag in de Dakar Rally en reed een verdienstelijke proloog. In zijn Red-Lined RECO+ finishte hij op de 59ste plaats bij de auto’s en heeft daarmee, zoals gehoopt, het middenveld in zicht. “Voor mezelf is het een overwinning dat ik hier sta. Daar begint het al mee”, zei Carmans opgewekt. “Het is een droom van me die nu werkelijkheid is geworden, een mijlpaal in mijn leven. Ik probeer zoveel mogelijk te genieten van wat we doen. Uitrijden is de opdracht, alles wat er tussenin zit is meegenomen.” Rustig gestart Tijdens de eerste etappe keek de Belg enigszins de kat uit de boom. “Ik ben rustig gestart, heb op 75 en 80 procent gereden. In een proloog kun je niks winnen en veel verliezen”, zei hij. “De auto was vandaag top. Hij deed volledig wat ik ervan verwachtte, dat ik met het peloton meekan en dat is gelukt. Ik denk dat we niet slecht zitten. De bedoeling is om elke rit op een fatsoenlijk uur binnen te komen.” Hij had genoten van de proloog, ook al was die maar 27 kilometer lang. “Het was een zanderig parcours. Toen wij begonnen, waren er al veel sporen en dat maakte het redelijk zwaar. Het was een heel uitdagend en mooi parcours. Er zat van alles in. We hadden een paar stukken met verraderlijke keien, maar een prachtig landschap waar we doorreden. Als het kon probeerde ik ervan te genieten.” Rotsen Zaterdag wachten Carmans en zijn Nederlandse co-piloot Antonius van Tiel een lange eerste etappe van 541 kilometer en 414 kilometer special. Daarin rijdt het Dakar-peloton van Alula naar Al Henakiyah. “De etappe heeft vooral gravelwegen en sommige stukken hebben wat rotsen. We gaan heel behoudend rijden zoals vandaag. We bekijken het gewoon van dag tot dag en proberen iedere dag tot een goed einde te brengen.” Nu de kop eraf is, heeft Carmans aan den lijve ondervonden dat de Dakar Rally toch echt wat anders is dan alle rally’s die hij tot dusver heeft gereden. “De laatste uren voor een rally ben ik altijd wel een beetje zenuwachtig, ook bij een kleine rally. Maar hier is het wat meer. Het is toch de Dakar Rally. We proberen gewoon ons ding te doen. De opdracht is om uit de problemen te blijven.”
 
Lees verder