Henrard pakt zijn revanche in zware tweede etappe

In de openingsetappe van de Morocco Desert Challenge zat het tegen bij Stéphane Henrard. In de tweede etappe, over 470 kilometer van Plage Blanche naar Touzounine, nam de Belg zijn revanche. Gestart als negende baande hij zich met zijn Dunbee-buggy een weg naar voren. De winnaar van de eerste etappe, Michiel Becx, had juist een pechdag. Maik Willems kwam als beste Nederlander over de streep, met de tiende tijd. Astronaut André Kuipers reed over de weg naar het bivak, nadat hij op dag 1 over de kop ging.

b_600_0_16777215_00_images_05-MDC_2018_04_16_180416_ss2_keverkunst.jpgStéphane Henrard (306): “Gisteren werden we veel te lang opgehouden door een auto die niet aan de kant ging, terwijl wij veel sneller waren. Dat kostte veel tijd. Vandaag zijn we volgas van start gegaan en feitelijk van Overdrive naar Overdrive gereden, totdat we bij Jes Munk kwamen. Met hem was het voortdurend stuivertje wisselen: dan maakte hij een klein navigatiefoutje en gingen wij voorop, dan maakten wij een foutje en kwam hij ons weer voorbij. Het was erg lastig navigeren, dus kleine foutjes waren zo gemaakt. Zo’n 20 kilometer voor de finish besloten we het erbij te laten en ben ik achter Munk blijven rijden. Hij was als derde gestart, dus ik wist toch al dat ik veel sneller was dan hij.”

Maik Willems (302): “Laten we het een leerzame dag noemen. Het eerste deel ging best lekker, maar in het tweede deel – na de lunchstop – begonnen de problemen. Eerst deden de remmen het niet meer, begon de auto te haperen en op 6 kilometer voor de finish schee de auto er helemaal mee uit. Wat het nou precies geweest is, weet ik niet, maar iets met de ontluchting van de brandstoftank. Na heel veel proberen deed ie het uiteindelijk weer. Het is dat zo’n dag dan verpest wordt door wat technische dingetjes, want het was verder een hartstikke mooie etappe.”

Michiel Becx (304): “Al in de eerste helft van de etappe kregen we een steen tegen de stuurstang. Met een scheef stuur hebben we nog wel een eindje doorgereden, heel rustig aan in de hoop dat het mee zou vallen. Maar dat deed het niet. Het stuurhuis was lek en de spoorstang was krom. Dat repareren kost wel een uur. Er liggen hier zoveel stenen, dat je er zomaar eentje mist. De steen waarop ik daarna een band kapot heb gereden, heb ik ook nooit gezien. Die lag onder het zand. Ook dat kostte weer wat tijd. Daarna hebben we ook bewust kalm aan gedaan, want nog een steen verkeerd raken zou te grote problemen geven. Aan de auto ligt het gelukkig niet. Die heeft ons niet in de steek gelaten.”

André Kuipers (363): “Na twee dagen is mijn rally-ervaring helaas nog maar beperkt tot 7 kilometer. In de eerste etappe gingen we over de kop, vandaag zijn we over de weg naar het bivak gereden. We zijn wel gestart, maar meteen na de start zijn we teruggekeerd naar het bivak. We wilden het risico niet nemen om op de stenen de auto helemaal kapot te rijden. We hadden gehoopt dat we halverwege erin konden komen om de auto te testen, maar dat mocht niet. Dus morgen beginnen we gewoon weer op nul.”