Libya Rally 2014: Kien/Schotanus uit de race na koprol

b_600_0_16777215_00_images_05-LIBYA-RALLY_2014_19_04__CAR7167.jpg

Willem Kien gaat de Libya Rally niet voor de derde keer op zijn naam schrijven. De Go2Dakar-Jeep ligt uit de wedstrijd na een koprol in de duinen van Erg Chebbi in de tweede etappe. Kien werd met de helikopter naar het ziekenhuis vervoerd. Daar werden twee gebroken ruggenwervels en een beschadigde nekwervel geconstateerd. Jos Schotanus wist de zwaar beschadigde Jeep op eigen kracht in het bivak te krijgen, waar hij vertelde wat er was gebeurd.

Jos Schotanus: “Tot aan de ravitaillering ging het prima. We lagen mooi aan kop, niks aan de hand. Na de ravitaillering gingen we de duinen in. In alle rust, ook in de auto. We hebben echt de tijd genomen om te kijken welke duinen we zouden nemen en hoe we er overheen zouden gaan. Ook bij een middelhoog duin zochten we de kant uit die we zouden nemen. We gingen er overheen en van het ene op het andere moment lagen we op de kop.

We landden op de neus en de auto sloeg meteen door op zijn dak. We zaten goed in de gordels en waren allebei heel rustig. Ik heb mezelf klem gezet en ben uit de gordels en uit de auto gekropen om Willem te helpen, want die voelde zich niet goed en had pijn. Ik heb Willem uit de auto geholpen, naar een veilige plek geholpen – de auto lag pal achter een duin: als daar iemand overheen zou komen, zou die bovenop ons klappen – en ik heb de medische dienst opgeroepen.

De helikopter was er heel snel, binnen een minuut of tien. Willem werd gestabiliseerd en naar het ziekenhuis gevlogen. Voor zover we nu weten, is hij orde en mankeert hij niks ernstigs. Er was geen plaats meer voor mij in de helikopter, anders was ik zeker bij Willem gebleven. Ik had geen keuze.

Ik ben dus bij de auto gebleven. Er kwamen een heleboel deelnemers voorbij, maar alleen Erno van Lieshout is gestopt om te helpen. Hij heeft de auto weer op zijn wielen getrokken. De schade was groot, maar de motor was in orde en de auto kon in principe rijden. Waar mogelijk heb ik dingen gerepareerd. Het ergste was dat het stuur finaal was afgebroken. Ik heb het zo diep mogelijk vast geslagen.

Ik had gezien dat er een paar duinen terug drie Marokkanen aan het werk waren en daar ben ik naar toe gereden. Een van hen was met een Nederlandse vrouw, dus ik had ineens een tolk om me te helpen. Dat was wel heel erg fijn. Zij hebben me geweldig goed geholpen om uit de duinen te komen: eentje is ingestapt en heeft me de weg gewezen naar de weg. Daar vandaan kon ik op eigen kracht naar het bivak rijden. Godzijdank kon ik er op eigen kracht uit en bij daglicht bovendien. Ik moet er niet aan denken dat ik daar de hele nacht in de duinen had gestaan voordat er hulp zou komen. Ik ben blij dat het redelijk goed is afgelopen.”