Zout maakt einde aan Dakar voor Sjaak Martens

    b_600_0_16777215_00_images_00-DAKAR_2015_pers_Algemeen_06_01_RM_06_01_0023.jpg

    Het ging 1522 kilometer goed. Maar 3 kilometer voor de finish van de tweedaagse marathonetappe vond Sjaak Martens zijn Waterloo in de Dakar van 2015. Het zout van de Salar de Uyuni vrat te veel weg van de stekkers en bekabeling van zijn KTM. In de duinen kreeg Martens de motor met geen mogelijkheid nog aan de praat.

    In het eerste deel van de marathonetappe, de zevende proef van de Dakar, had Martens het al zwaar. Ernstig onderkoeld kwam hij aan in Uyuni. Bij de start van de terugweg waren de omstandigheden niet veel beter. In de regen bij een temperatuur van 2 graden was het op het zoutmeer op 4000 meter hoogte verschrikkelijk. Samen met Jurgen van den Goorbergh stak Martens met 160 kilometer per uur het meer over, waarbij een laag zout water van 10 tot 20 centimeter hoog opspatte. “Ik heb een paar keer stil gestaan,” vertelde Martens. “Keer op keer de motor uit, met steeds meer bijkomende problemen. In eerste instantie was het alleen de accu en met aanduwen kreeg ik hem weer aan de praat. Gedurende de dag kwam er steeds meer bij kijken om hem weer gestart te krijgen. Ik heb alles schoon moeten maken en droog moeten blazen. De relais, de stekkers, van alles.”

    Uiteindelijk ging het nog wel goed en kreeg Martens de finish in zicht, maar toen sloeg de motor opnieuw af. “Op de adrenaline ga je gewoon aan het sleutelen en van enkele toeschouwers kreeg ik nog een blik perziken. Anderhalf uur ben ik bezig geweest met gelukkig nog batterij en bereik genoeg op mijn telefoon om Gwen, mijn monteur, te bellen. We hebben alles doorgelopen, maar niets hielp. Er is zelfs nog een poging gedaan om met startkabels van een passerende Chileen de motor over te starten. Het duurde en het duurde en uiteindelijk werd het risico voor die jongen om de finish niet meer te halen ook te groot en moest hij doorrijden.”

    Langzaam kwam het besef dat het niet ging lukken en sloeg ook de angst toe. De gps en de iritrack, het satellietsysteem, deden het immers ook niet. De organisatie kon daardoor niet zien waar Martens zich bevond. Het team in het bivak heeft daarop de organisatie ingeseind en uitgelegd waar Martens ongeveer stond, zodat hij in veiligheid kon worden gebracht. De motor wordt later door de bezemwagen opgehaald.