Koolen nog 157 kilometer van unicum verwijderd

b_600_0_16777215_00_images_00-DAKAR_2014_17_LaSerena_Dakar2014_1701_037.jpg

Nog 157 wedstrijdkilometers en dan schrijft Kees Koolen geschiedenis als de eerste die de Dakar Rally in alle categorieën heeft weten te finishen. Van zenuwen is geen sprake – niet meer. “Voor de etappes van eergisteren, gisteren en vandaag was ik zenuwachtig. Nu die goed zijn verlopen, is de spanning weg.”

De voorlaatste etappe van de Dakar, de twaalfde, was vandaag nog een pittige voor Koolen, navigator Jurgen van den Goorbergh en monteur Gijs van Uden. De proef van 350 kilometer ging deels door de duinen bij Copiapó en die kunnen gemeen zijn. “Het eerste deel was hard en snel, het tweede deel hard en langzaam en toen kwamen de duinen”, vertelt Koolen. “We hadden problemen met het bandenaflaatsyseem, waardoor we even moesten wachten voor we de duinen in konden. Maar op zich ging het best goed. Wat mij betreft hadden er wel meer etappes als die van gisteren en vandaag in mogen zitten: lang, moeilijk, maar erg gevarieerd.”

Na de motor (2009), de buggy (2010, ’11 en ’12) en de quad (2013) is Koolen nu met de truck om het rijtje vol te maken: iets wat nog nooit iemand heeft gedaan. In vergelijking met de andere drie is de truck het gemakkelijkst, vindt Koolen. “Ik zal ongetwijfeld mensen beledigen, maar ik vind het een vakantieritje. Je hebt er fysiek weinig van te lijden, je hoeft niet superfit te zijn – tenzij je voor de topklasseringen gaat – en je komt overal vrij gemakkelijk doorheen. Het is mij heel erg meegevallen, terwijl dit toch echt een zware Dakar was.”

Wat het moeilijk maakte en ook tegenviel, was de truck. Koolen rijdt met de Ginaf waarmee Edwin van Ginkel een aantal jaren snelle service reed. “Dat had ik anders moeten doen, want we hebben elke dag wel wat gehad: turbo kapot, koelingsproblemen, bandenaflaatsysteem kapot. We hadden ook eigenlijk net iets te weinig vermogen voor het zand en moeilijke duinen. Maar ja, we hebben het ermee gered en dat is dan ook wel weer mooi.”

Tegen de laatste proef van morgen ziet hij niet meer op. “Paden door de heuvels, grotendeels hetzelfde als de laatste proef van vorig jaar. Als je daar geen gekke dingen doet, kan er niet veel fout gaan.”