Podium gloort ineens weer voor Seb Husseini

b_600_0_16777215_00_images_00-DAKAR_2014_16_ElSalvador_Dakar2014_1601_039.jpg

Het kan snel gaan in de Dakar. Vooraf was al duidelijk dat de elfde etappe de klassementen op z’n kop kon zetten. Bij de quads gebeurde dat inderdaad. Sergio Lafuente, de nummer 2 in het klassement, moest met technische problemen opgeven. En zo staat Seb Husseini ineens toch nog op het podium. Voorlopig dan toch.

De etappe van Antofagasta naar El Salvador maakte de titel ‘koninginnenrit’ meer dan waar. Husseini vond het qua zwaarte nog wel meevallen, maar de lengte (749 kilometer waarvan 605 kilometer geklokt) en de stenen maakten het vermoeiend. “Bijna 13 uur op de quad gezeten vandaag”, pufte de in Dubai woonachtige Nederlander. “Ik vond het niet heel technisch, maar er lagen ontzettend veel stenen en vooral ook scherpe, puntige stenen. Het was volledig offpiste, dus er komt nooit een auto overheen.”

De scherpe stenen pleegden de ene na de andere aanslag op de banden. In het eerste uur had Husseini al drie lekke banden. Het repareren daarvan kostte wat tijd, maar zijn concurrenten overkwam hetzelfde, zodat de doorkomsttijden en klasseringen voortdurend wisselden. In de strook duinen maakte Husseini veel tijd goed en ook in het laatste deel van de special, 60 kilometer feshfesh, kon hij aanvankelijk flink snelheid maken.

“Maar halverwege dat stuk, ongeveer 30 kilometer voor de finish, begon de quad een raar geluid te maken. Ik denk dat er feshfesh door het luchtfilter is gedrongen. Ik was bang dat het motorblok finaal kapot zou draaien, dus ik ben heel rustig in lage toeren naar de finish gereden. Liever nóg een kwartier verliezen dan de finish niet halen.”

De monteurs zetten vannacht een nieuw blok in de Maxxis Super B-quad zodat Husseini morgen met een frisse motor kan starten. “Het wordt morgen nog een pittige dag, verwacht ik. Ik moet nog eens goed naar het klassement kijken, zeker nu ik ineens weer in podiumpositie verkeer. Wat mij betreft wordt het een kwestie van de quad thuis brengen en geen risico’s nemen.”