Kees Koolen vreest de komende dagen

b_600_0_16777215_00_images_00-DAKAR_2014_13_01_Calama_Dakar2014_1301_132.jpg

In het roadbook leek de negende etappe er simpel uit te zien, maar dat was ‘ie niet. Kees Koolen, Jurgen van de Goorbergh en Gijs van Uden kwamen er met moeite doorheen, deels met de buggy van Tim Coronel op sleeptouw. “Deze hebben we gehad”, streepte Koolen af. “Als we de komende twee dagen ook halen, komen we wel aan de finish. Maar ik durf niet te zeggen dat we die twee dagen halen.”

Kees Koolen en Jurgen van den Goorbergh weten als geen ander hoe heftig de Atacama-woestijn is. In eerdere jaargangen van de Dakar stonden ze er tot diep in de nacht te worstelen met hun buggy’s. Met de truck is de woestijn heel anders. “Met de Ginaf kwam ik door en over stukken die met de buggy of de quad never nooit te doen waren”, vertelde Koolen. “We hebben drie keer in een duinpan gezeten. Met de buggy ben je daar uren mee zoet, met de truck is het een kwestie van banden aflaten en vol gas in z’n achteruit weer naar boven.”

Koolen meende zich te herinneren dat de duinen bij Iquique niet zo moeilijk waren. Dat was een vergissing. “Het waren gemeen steile kammen. Tien, twintig keer moesten we een stukje terug omdat we anders niet boven kwamen.”

De duinen waren nog niet eens het lastigste voor de Maxxis Super B-truck. De 380 kilometer eraan voorafgaand waren moeilijker: ruig terrein met zware zandpaden, akelige afstappen en rio’s waar het betere trialwerk voor nodig was. Juist in zo’n trialdeel had de truck de buggy van Coronel op sleeptouw. “Op kilometer 230 zagen we Tim staan”, vertelt Koolen. “Hij had de koppeling of het motorblok kapot – dat weet ik niet precies. Het was niet goed in ieder geval. We wisten dat er 30 kilometer verderop een CP was. Daar konden we hem wel op het asfalt afleveren.” Het waren alleen wel 30 heel slechte kilometers, met rivierbeddingen vol stenen, waar de truck zelf al amper doorheen kwam, laat staan met een buggy er achteraan.

Coronel door de duinen slepen, durfde Koolen niet aan. “Het risico was te groot dat we dan zelf in de problemen zouden komen. De koelingsproblemen leken wel grotendeels opgelost, maar ik durfde er niet op te zweren dat het in de duinen goed zou blijven gaan. Gijs en de monteurs hebben overigens wel uitstekend werk geleverd. In Calama hebben ze alles eruit gehaald – de intercooler, de radiateur –, alles schoongemaakt en opnieuw aangesloten. Nu maar hopen dat het ook de komende twee dagen goed blijft gaan. De etappes naar Antofagasta en naar El Salvador / Copiapo zullen doorslaggevend zijn. Als we die dagen doorkomen, halen we ook de finish wel. Maar ik durf nog niet te zeggen dat we die twee dagen doorkomen.”