‘Makkelijk dagje in de zon’

b_600_0_16777215_00_images_00-DAKAR_2014_12-Salta_Dakar2014_1201_233.jpg

Bij de start van de zevende etappe, die begon en eindigde in Salta, had Kees Koolen er nog een hard hoofd in. Het regende en de start werd uitgesteld, omdat door de laaghangende bewolking de helikopters niet konden vliegen. Koolen hield al voorzichtig rekening met afgelasting. “Maar aan de andere kant van de bergkam was het prima weer. We hebben de hele dag in de zon gereden.”

Het was een lange etappe – 730 kilometer waarvan 533 kilometer special – maar niet moeilijk. Navigator Jurgen van den Goorbergh had niet veel te doen, vertelde Koolen. “Hele stukken van 25 kilometer rechtdoor. Het stelde niet zo heel veel voor. Het was wel een heel snelle proef. Wij hebben een relatief langzame truck, maar in iets meer dan zes uur waren we klaar met die 533 kilometer. Dus we hebben het best snel gedaan.”

Toch was het wel met drie man opletten geblazen. De race speelde zich af op gemiddeld 3600 meter hoogte, met uitschieters naar 4200 meter. “Van de hoogte kun je flink last hebben”, weet Koolen. “Dat kan behoorlijk van invloed zijn op je concentratie. Ik kan me voorstellen dat er dan ongelukken kunnen gebeuren, want met die snelheden is een foutje zo gemaakt. Wij hebben overigens niet veel last van de hoogte gehad. Beetje licht in het hoofd, maar verder niks.”

Koolen bracht de Maxxis Super B-truck met de 28ste tijd over de finish en begint dus, na een verbindingsroute van ruim 500 kilometer over de Andes, op Chileense bodem aan de achtste special vanaf die positie. “Dat is een mooi uitgangspunt. Ik verwacht dat het ook weer een relatief makkelijke dag zal zijn. De zware dagen komen daarna pas.”