Nog sprankje hoop voor Sjors van Heertum

 Dakar2014_0601_216.jpg

Er is nog een sprankje hoop dat Sjors van Heertum toch nog verder mag in de Dakar 2014. Van Heertum vertelde zijn bizarre avontuur van de derde etappe in Chilecito. Wedstrijdleider David Castera stuurde Van Heertum samen met nog vijf andere motorrijders 70 kilometer voor de finish van etappe 3 terug de berg af. De proef was geneutraliseerd en Castera verbood de mannen naar de start van etappe 4 te rijden.

Het lot van de BAS Dakar-rijder ligt dus in handen van Castera. De kans is aanzienlijk dat Van Heertum gewoon uit de rally ligt, maar aangezien hij verder kon maar niet mocht, is er nog een theoretische mogelijkheid dat de wedstrijdleiding hem met een forse dosis straftijd alsnog laat starten in de vijfde etappe.

Van Heertum stond op 70 kilometer van de finish met een kapot motorblok in de bergen. “Jan van Gerven is bij me geweest en samen hebben we geprobeerd het te repareren”, vertelt Van Heertum. “Dat lukte niet, tenzij we er een heel ander blok in konden hangen. Een motorrijder met een dikke pols, die te veel pijn had om verder te rijden, bood mij zijn blok aan voor een schappelijke prijs. Daar zijn we mee aan de gang gegaan, maar toen kwam er een auto van de organisatie aan. Die vertelde dat de rest van de proef was geneutraliseerd en dat we niet verder naar boven mochten, omdat alle helikopters te druk waren met het evacueren van gestrande en gewonde motorrijders en omdat het donker werd. We stonden daar met zes man die fit genoeg waren om door te gaan, maar we werden naar beneden gestuurd.”

Daar hield wedstrijdleider Castera de mannen tegen. “We moesten slapen, zei Castera. Dus we hebben een kampvuurtje gemaakt waar we met ons zessen omheen zijn gaan liggen.” Toen het licht werd, wilden de mannen alsnog naar de start van de vierde etappe, maar ook dat mocht niet. Van Heertum: “We werden naar het bivak in San Juan gestuurd. Ik ben daar op de motor van die vent met die dikke pols heen gereden. Iedereen was al weg, het bivak werd al afgebroken. De wedstrijdleider van de trucks, Fabien Calvet, heeft ons vervolgens naar Chilecito gestuurd. We hadden geen roadbook, niks. De politie heeft ons op weg geholpen en we zijn met zijn zessen hierheen gereden. We willen alle zes verder en zijn al bij de wedstrijdleiding geweest, maar het is wachten op Castera. Die moet de beslissing nemen, omdat hij het was die ons verbood verder te rijden. Ik hoop dat we verder kunnen. Mijn eigen motor wordt hier vanavond laat verwacht, met de bezemwagen. Als we dan het blok kunnen wisselen, ga ik morgenochtend weer rijden.”