Jack Brouwers houdt de boel heel

b_600_0_16777215_00_images_00-DAKAR_2014_07_SanJuan_Dakar2014_0701_109.jpg

Hoofdschuddend stond Jack Brouwers op de racebaan die dienst doet als bivak van San Juan. Zelfs achteraf was soms moeilijk te bevatten wat er allemaal was gebeurd in de derde etappe van de Dakar 2014. “Wat een bak ellende. Maar wat maken sommigen het zichzelf ook moeilijk.”

De etappe van San Rafael naar San Juan was een mooie, vond Brouwers, maar ook een heel pittige. Rio’s, stenen, paden met knippen, ijselijk diepe afgronden: meer dan genoeg ingrediënten om de boel heel erg kapot te rijden. Brouwers zag het ook overal om zich heen gebeuren. “Wij hebben ook wel een paar benauwde momentjes gehad hoor. Er stond een Hino half op zijn kant te wankelen, met de neus in een ravijn. Die hebben we maar even recht getrokken. Die jongens waren ons heel erg dankbaar.”

Brouwers koos ervoor op safe te gaan en zijn Ginaf heel te houden. Dat lukte heel aardig, op een kapot bandenaflaatsysteem en een lekke band na. “Maar daar heeft Gerard, onze monteur, een stok in gestoken zodat we door konden naar de finish.”

Brouwers hield de boel niet alleen heel, hij finishte ook keurig op de 24ste plaats. In het klassement staat hij 18de. “Het was gewoon gevaarlijk vandaag. Er waren paden bij met knippen waarvoor je goed op de remmen moest. Daar zijn er een paar goed hard af gegaan. Ik ben dan toch verbaasd hoe hard sommigen voorbij komen blazen. Ik heb de Astana Tatra twee keer voorbij laten komen, maar dat haalde twee keer niks uit, want hij trapte er twee keer een band af omdat hij zo hard ging. Peter Versluis en een MAZ waren achter ons gestart, maar die kwamen samen voorbij. Even verderop gingen ze met z’n tweeën zo hard over een paar bulten, dat het niet anders kan of ze moeten flinke schade hebben. Dan ben ik blij dat ik het op mijn manier doe en lekker rond de twintigste plaats rij.”

Die plaats bevalt goed. Wat verder naar voor starten betekent langer in het daglicht kunnen rijden en minder in het stof. “Iedereen om ons heen rijdt ongeveer hetzelfde tempo. Met wat geluk rij je de hele dag zonder stof. Ik ben alleen een beetje bang voor morgen. Niet voor het feit dat het een heel lange etappe wordt (657 kilometer), maar omdat de trucks tussen de auto’s starten. Ik heb nu al medelijden met die lui in die autootjes.”