BasDakar Team: Jan van Gerven en Bastiaan Nijen Twilhaar komen goed weg

Dakar2013_Leg06_018.jpgNog steeds zijn alle zes de rijders van het BasDakar Team in de race. Gezien de vele uitvallers van de afgelopen dagen een knappe prestatie. Maar dat het zomaar over kan zijn, ervoeren Jan van Gerven en Bastiaan Nijen Twilhaar. Beiden kwamen goed weg, en het complete team gaat straks aan de lange marathonetappe beginnen. Jan van Gerven (59e in de special, 41e algemeen): ‘’Dit is de eerste dag die wat minder ging. Na 350 kilometer verbinding voornamelijk door het donker, ging de proef van start. Net voor een bocht naar links haalde een quad me in, en hij tikte me aan met zijn achterwiel. Het eerste wat zeer deed was mijn pols. Ik voelde gelukkig snel dat m’n pols ok was. Mijn pols is rood en dik geworden, maar het valt mee. ik heb echt heel veel geluk gehad. Maar de trein gaat verder, we gaan door naar Santiago.’’
Marco van Geel (89e in de proef, 93e algemeen): ‘’Ik heb een bekeuring gehad vandaag. Ik zat achter een quad, en in open terrein begon de gps te piepen als teken dat ik te hard ging. Ik dacht dat het vanwege die quad was, en gaf nog even gas bij om die quad voorbij te gaan. Bleek dat ik te hard reed. Nouja, dat geld gaat naar een goed doel. Van de 350 kilometer hebben we er 250 in het stof gereden. Maar ik heb weinig meegemaakt, en dat moet ik vol zien te houden. Ik tel af naar de rustdag.’’
Caspar Schellekens (119e in de proef, 135e algemeen): ‘’Ik heb een echte Dakardag gehad. Het was echt heel erg gevaarlijk. Ik ben nog een keer gevallen in de fesh-fesh. In een geul konden we eigenlijk geen kant uit, en toen de auto’s achterop kwamen, was dat even pittig. Het hoort erbij, we zijn weer binnen.’’
Bastiaan Nijen Twilhaar (124e in de proef, 122e algemeen): ‘’Ik heb de klassieke fout gemaakt. Toen de helikopter boven me hing, ging ik daar teveel opletten.  In de feshfesh ging ik vol op een steen, en vol eraf. Ik was even helemaal de weg kwijt. Daarna had ik een uur nodig om bij te komen, ik was heel erg kwaad op mezelf. Ik baal er nu nog van eigenlijk.  Het was een goede waarschuwing.’’
Marcel Huigevoort (122e in de proef, 120e algemeen): ‘’We zijn weer blij dat we er zijn. Wat een berg stenen. Gewoon 100 kilometer lang vrachten stenen achter elkaar gekiept, niet te geloven. De duinen gingen fantastisch. Het laatste stuk was snel en gevaarlijk. Bastiaan ging er hard af achter ons.  We zaten volop in de fesh-fesh te stoeien. Kilometers breed, 25, misschien wel 50 kilometer lang. We misten Bastiaan en hebben even op hem gewacht. Toen hebben we een tandje terug gedaan en veilig naar de finish gereden.’’
Caspar van Heertum (123e in de proef, 121e algemeen): ‘’Ik kan niet wennen aan die verbindingen. Een wegmotor zal ik nooit rijden, dat is wel duidelijk. Het was wel fijner om de lange verbinding nu voor de special te rijden. De duinen waren mooi, op de stenen was het werken. Het was vooral rijden, en niet teveel nadenken. In het stof was het kijken, kijken en kijken.’’
 
Etappe 7: Calama – Salta  verbinding 417 km / proef 218 km / verbinding 167 km
Na de lange etappe naar Calama gaat de race in een ongekend  hoog tempo door. De route loopt de Andes over naar Salta in Argentinië. De eerste motor vertrekt weer om 04.30 uur. De assistentieploegen moeten het bivak verlaten voor de eerste motor vertrekt. Wie dat niet redt, moet lang wachten tot de laatste wedstrijddeelnemer vertrokken is.
Het eerste stuk verbinding brengt de hele karavaan naar een hoogte van 4.975 meter. De snelle special wordt verreden tussen de 3.400 en 4.000 meter hoogte, wat het extra zwaar maakt. Voor de motoren is het een marathonetappe. Een gescheiden bivak waar de motorrijders hun eigen service moeten doen, zonder verdere assistentie. Velen zullen dan al snakken naar de rustdag….