Van Loon houdt de moed erin

b_600_0_16777215_00_images_00-DAKAR_2013_artikelen_2013-01-08_Erik.jpgHet rijden ging prima bij Erik van Loon en Marc Wams, maar domme pech weerhield de twee van een goed resultaat in de vierde etappe van de Dakar Rally. Vooraf was al gewaarschuwd voor de moeilijkheidsgraad van de bijna 300 kilometer lange proef tussen Nazca en Arequipa. Die waarschuwing bleek terecht.

‘Maar het was niet eens zozeer de zwaarte van de etappe die ons parten speelde’, vertelde Erik van Loon direct na de proef. ‘Het rijden ging hartstikke goed. Het was vooral domme pech. Al in het begin ging de jack kapot – de hydraulische krik die onder de auto is gemonteerd. Hij hing los en daarom moesten we hem demonteren. Dat kostte nogal wat tijd.’

Toen de HRX Ford daarna verder kon, reden Van Loon en Wams in het stof van vrachtwagens. ‘Eerst zaten we achter Jan Lammers die maar niet opzij wilde, daarna achter een Kamaz. Dat schoot dus ook niet op’, zei Van Loon. ‘In het stof reden we er vervolgens een band eraf, precies aan de kant waar de jack weg was. Dus moesten we met de hand de auto opkrikken en de band wisselen. Maar in het stof valt dat niet mee. En daarna moesten we het hele spul weer voorbij.’

Ondanks de pech was Van Loon niet ontevreden. ‘Natuurlijk is het jammer, zeker als je ziet hoe goed het rijden ging. In het begin – en gisteren – kon ik goed bij Carlos Sousa blijven en die is tiende geworden. We zijn gewoon een uur verloren met die onzin, anders hadden we echt een goed resultaat kunnen neerzetten. Met die wetenschap – dat het niet aan ons ligt – houden we de moed erin.’

De vijfde etappe is voor de auto’s 509 kilometer lang. Daarvan is 172 kilometer special stage door rivierbeddingen en stenenpaden. De eindstreep ligt in Arica in Chili.
Na de proef volgde nog een verbinding van dik 400 kilometer over een slingerende bergweg langs de kust, waardoor iedereen pas erg laat in het bivak is.

Foto: Willy Weyens